Het overlijden van een huisdier kan enorm veel verdriet doen. Toch merken veel mensen dat hun verdriet niet altijd even serieus wordt genomen. Misschien hoor je opmerkingen als: “Het was maar een hond”, “Je kunt toch een nieuwe kat nemen?” of “Gelukkig heb je hem een mooi leven gegeven.” Vaak zijn zulke woorden goedbedoeld. Maar ze nemen het gemis natuurlijk niet weg. Voor jou was je huisdier misschien helemaal niet ‘maar een dier’. Het was een vertrouwd maatje dat iedere dag bij je was. Rouwen om een huisdier is daarom heel normaal. Je hoeft je verdriet niet kleiner te maken of jezelf af te vragen of je niet ‘te lang’ verdrietig bent. Juist door stil te staan bij het verlies, kan er langzaam ruimte ontstaan om het in je leven te verweven.
Rouwen om je huisdier: geef verdriet om je trouwe maatje de ruimte
Je mist meer dan alleen je huisdier
Wanneer een huisdier overlijdt, verlies je niet alleen het dier zelf. Vaak verandert ook een groot deel van je dagelijkse leven. Geen wandeling meer op het vaste tijdstip. Geen voerbak die gevuld hoeft te worden. Geen begroeting wanneer je thuiskomt. Geen kat die precies op jouw plek op de bank gaat liggen of hond die al bij de voordeur staat zodra je je schoenen aantrekt. Juist die kleine, alledaagse momenten kunnen het gemis heel voelbaar maken. Soms zelfs sterker dan je vooraf had verwacht. Je kunt gedachteloos naar de voerbak lopen, automatisch ruimte maken op de bank of even denken dat je de bekende pootjes door het huis hoort. Dat kan confronterend zijn, maar het is niet vreemd. Je hoofd en lichaam zijn jarenlang gewend geraakt aan de aanwezigheid van je huisdier. Daarbij zijn huisdieren vaak aanwezig tijdens allerlei fases van je leven. Misschien was je dier erbij toen je verhuisde, kinderen kreeg, een moeilijke periode doormaakte of juist veel mooie momenten beleefde. Huisdieren vragen meestal weinig uitleg. Ze zijn er gewoon. Die vanzelfsprekende aanwezigheid maakt de band vaak bijzonder sterk.
Verdriet hoeft niet logisch te voelen
Rouw verloopt bij iedereen anders. Er bestaat geen vast stappenplan en ook geen vaste volgorde van gevoelens. Misschien ben je de eerste dagen voortdurend verdrietig. Misschien voel je juist weinig en lijkt alles onwerkelijk. Je kunt boos zijn, opgelucht, schuldig, uitgeput of al die gevoelens door elkaar ervaren. Soms komt verdriet bovendien op onverwachte momenten. Je ziet ineens een plukje haar op een deken, vindt een speeltje onder de kast of loopt langs de plek waar je huisdier altijd lag. Een klein detail kan genoeg zijn om het gemis ineens weer heel sterk te voelen. Ook weken of maanden later kan dat gebeuren. Er bestaat geen moment waarop je ‘klaar’ moet zijn met rouwen. Bij de ene persoon voelt het leven na een paar weken langzaam weer wat lichter. Een ander wordt maanden of zelfs veel later nog regelmatig geraakt door het verlies. Dat zegt niets over hoeveel je van je huisdier hield of over hoe goed je met verdriet omgaat.
Schuldgevoel na het overlijden van je huisdier
Naast verdriet komt schuldgevoel bij het verlies van een huisdier regelmatig voor. Vooral wanneer je zelf een moeilijke beslissing hebt moeten nemen, bijvoorbeeld om je dier te laten inslapen. Misschien blijven vragen door je hoofd gaan: Was het niet te vroeg? Had ik nog iets kunnen proberen? Heb ik signalen gemist? Had ik meer moeten doen? Zulke gedachten kunnen veel pijn doen. Achteraf kijk je vaak met andere ogen naar situaties dan op het moment zelf. Bovendien wil je, juist omdat je zoveel van je dier hield, graag zeker weten dat je alles goed hebt gedaan. Wanneer een dierenarts samen met jou tot de conclusie is gekomen dat verder behandelen niet meer in het belang van je huisdier was, kan het helpen om jezelf eraan te herinneren waarom je die beslissing hebt genomen. Een dier laten gaan om verder lijden te voorkomen kan een van de moeilijkste vormen van liefde zijn. Dat betekent niet dat je meteen vrede hoeft te hebben met die keuze. Twijfel en verdriet kunnen naast elkaar bestaan.
Ook opluchting mag er zijn
Soms voel je na het overlijden niet alleen verdriet, maar ook opluchting. Bijvoorbeeld wanneer je huisdier langere tijd ziek was, veel zorg nodig had of wanneer je voortdurend bang was dat het slechter zou gaan. Die opluchting kan verwarrend voelen. Toch betekent het niet dat je minder van je huisdier hield. Je kunt intens verdrietig zijn omdat je dier er niet meer is en tegelijkertijd opgelucht zijn dat het niet langer pijn heeft of dat een zware periode voorbij is. Verschillende gevoelens kunnen naast elkaar bestaan.
Geef je verdriet de ruimte
Je hoeft het verlies niet kleiner te maken omdat het om een huisdier gaat. Als jouw dier belangrijk voor je was, mag het afscheid dat ook zijn. Het kan helpen om met iemand te praten die begrijpt hoeveel je huisdier voor je betekende. Dat kan een familielid, vriend, buur of andere huisdiereigenaar zijn. Soms is het al prettig wanneer iemand alleen maar luistert, zonder meteen te proberen het verdriet op te lossen. Ook herinneringen ophalen kan helpen. Bekijk foto’s, vertel verhalen, blader door oude filmpjes of schrijf op welke kleine gewoontes je nooit wilt vergeten. Misschien weet je nog precies hoe je kat je wakker maakte, hoe je hond reageerde op het woord ‘wandelen’ of hoe je konijn altijd naar een bepaalde plek rende zodra je binnenkwam. Juist die kleine herinneringen zeggen vaak veel over de band die jullie hadden.
Maak op jouw manier ruimte voor afscheid
Sommige mensen vinden het fijn om bewust iets te doen om hun huisdier te herinneren. Dat hoeft helemaal niet groot of plechtig te zijn. Je kunt bijvoorbeeld een mooie foto neerzetten, een pootafdruk bewaren, een fotoboek maken, een halsband of naamplaatje een speciale plek geven of een plant in de tuin zetten. Misschien wil je een brief schrijven aan je huisdier. Daarin kun je vertellen wat je mist, waar je dankbaar voor bent of welke herinnering je altijd wilt bewaren. Er is geen juiste manier om afscheid te nemen. Het belangrijkste is dat het bij jou past.
Wat doe je met de spullen van je huisdier?
Ook het opruimen van spullen kan moeilijk zijn. De voerbak, mand, krabpaal, riem of speeltjes kunnen ineens heel beladen voelen. Je hoeft daar niet meteen iets mee te doen. Sommige mensen vinden het prettig om alles vrij snel op te ruimen omdat de lege spullen te confronterend zijn. Anderen laten de mand nog weken staan of bewaren bepaalde spullen voor altijd. Beide zijn goed. Misschien helpt het om alleen de dingen weg te halen die op dat moment te pijnlijk zijn en later pas te beslissen wat je wilt bewaren, weggeven of wegdoen.
Kinderen en het overlijden van een huisdier
Voor kinderen kan het verlies van een huisdier soms de eerste keer zijn dat ze bewust met de dood te maken krijgen. Probeer eerlijk en duidelijk te vertellen wat er is gebeurd, op een manier die past bij hun leeftijd. Het kan helpen om woorden als ‘dood’ en ‘overleden’ te gebruiken in plaats van te zeggen dat een dier ‘is gaan slapen’. Vooral jonge kinderen kunnen zulke uitdrukkingen letterlijk begrijpen en daardoor bijvoorbeeld bang worden om zelf te gaan slapen. Geef ook kinderen ruimte om vragen te stellen, verdrietig te zijn of juist even gewoon te spelen. Kinderen kunnen vaak snel wisselen tussen verdriet en plezier. Dat betekent niet dat het verlies hen niets doet. Samen een tekening maken, een foto uitzoeken of een klein afscheidsritueel bedenken kan helpen om het verlies beter te begrijpen.
En een nieuw huisdier?
Na het overlijden van een huisdier komt vroeg of laat misschien de vraag of je ooit weer een dier wilt. Ook daarvoor bestaat geen goed moment. De een mist het gezelschap thuis zo erg dat er vrij snel weer ruimte voelt voor een nieuw dier. Een ander kan maanden of jaren nodig hebben voordat die gedachte prettig voelt. En misschien wil je helemaal geen nieuw huisdier meer. Een nieuw dier vervangt het huisdier dat je bent verloren niet. Iedere band is anders. Je hoeft daarom ook niet te wachten totdat je helemaal geen verdriet meer voelt. Je kunt je oude huisdier blijven missen en tegelijkertijd opnieuw liefde voelen voor een ander dier. Voelt het idee van een nieuw huisdier vooral als iets wat anderen van je verwachten? Dan mag je rustig wachten. Het is jouw huis, jouw verdriet en jouw moment.
Wanneer verdriet heel zwaar blijft voelen
Rouwen kan veel energie kosten. Vooral in de eerste periode kun je slechter slapen, minder concentratie hebben of weinig zin hebben om dingen te ondernemen. Vaak verandert dat langzaam naarmate de tijd verstrijkt. Merk je dat het verdriet je dagelijks leven langere tijd sterk blijft beheersen, dat je bijna nergens meer plezier uit haalt of dat je nauwelijks meer functioneert? Dan kan het fijn zijn om er met je huisarts of een andere professionele hulpverlener over te praten. Je hoeft niet te wachten tot verdriet ‘ernstig genoeg’ voelt om steun te zoeken.
Reacties
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit artikel.